De Enge Vrouwen
Waar ik dus echt bang voor ben zijn mevrouwen van middelbare leeftijd, die met kortgeknipt haar een niet al te hoge functie bekleden.Vaak hoor je al van verre het raspende stemgeluid, en zie je de kordate gebaren. Ze werken bijvoorbeeld in kledingzaken en warenhuizen. "Ja, hallo!" zegt de zo'n mevrouw tegen een klant die zijn foto-ophaal-bonnetjes niet kan vinden, "dat heb je maar weer mooi voor elkaar, he?", de stem verspreidt zich door de ruimte, en ik verstijf. "Hoeveel kosten die foto's dan bij elkaar," vraag ik kruiperig maar arrogant aan de mevrouw met roestvlekken op haar stembanden. "Dat..." zegt ze dreigend, "mag je dan lekker zelf uitrekenen.Thuis." Zulke vrouwen stralen een gezag uit. Niet zozeer een gezag over hun werk, eerder een soort natuurlijk recht om over jouw persoonlijkheid te kunnen oordelen. Ik denk soms dat Petrus eruitziet als een kortgekapte mevrouw van middelbare leeftijd. Binnen de hierarchie van de hemel met God en Engelen heeft hij als portier ook niet bepaald een hoge functie, maar ook hij heeft een feilloos oordeel over wie het paradijs verdient. Volgens zulke dames verdien ik niets. Ze zijn de doorbitches van de kassa, het kledingrek en de broodjes gezond, en er kan niet aan ze worden getornd. Vandaag moest ik werken op Schiphol. Samen met twee Petra's (met clipboard in plaats van sleutels). We moesten vliegtuigpassagiers doorsturen naar bussen. Van deze gecompliceerde taak kweten deze vrouwen zich met vastberadenheid en souplesse. Regels waren regels, en elke paar minuten kwamen ze me vertellen dat ik een stapje naar achter moest doen, of dat ik mijn clipboard anders vast moest houden. Pas op het einde van de dag kwam ik erachter dat zij helemaal geen hogere functie hadden. Natuurlijk gezag. Zo sterk zelfs, dat ze, ook weer als Petrus, wonderen konden bewerkstelligen. Een tachtigjarige man met een zeemanspet moet na een vlucht van 24 uur een bonnetje vinden voor hij met de bus mee mag. Hij doorzoekt zijn bagage met dansende Parkinson-handen. Hij vindt niets. De mevrouw met het kleurige sjaaltje over haar blouse helpt hem met zoeken. ´Kan ik even gaan zitten, ik ben kapot,´ zegt de man. `Nee,´ zegt ze, ´dat kan hier niet.´ (Een paar meter verderop staan bankjes). Ze kijkt naar de hevig trillende handen van de man, die ritsen opentrekken. ´Hey, en nou even rustig aan he,´ zegt ze. En voor een seconde lijkt het alsof de trillingen stoppen, maar erna gaat het gewoon weer door. De mevrouw heeft geen heilig gezag, besef ik, en een seconde voel ik me onoverwinnelijk. Ik kijk haar aan, en zeg; `Die man moet nu zonder dat bonnetje met die bus mee, want hij is kapot´. Mijn stem is hard en raspend, haar ogen zijn zo groot als van een konijntje. ´OK´, zegt ze.Het voelt heerlijk, ik probeer het gevoel vast te houden. Als ze wegloopt stel ik me voor hoe ze als baby rondliep in een luier. Het helpt niet.

Al twee reacties!:
Bugh, ik werk ook met van die wijven…je went er na een tijdje wel aan. Gewoon ja zeggen, whatever denken, en lekker je eigen ding doen.
AnnaDenise (email) (link) - 05 07 06 - 11:08 - @AnnaDenise:
Of gewoon Neuih zeggen, whatthefuck denken, en vol op d’r neus knoppen.
Martin - 05 07 06 - 21:53 - @Martin: