<?xml version="1.0" encoding="iso-8859-1"?>
<rss version="2.0" 
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:admin="http://webns.net/mvcb/"
	xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/">
	
	<channel>
		<title>Mariken</title>
		<link>http://weblogs.nieuwegarde.nl/mariken/index.php</link>
		<description></description>
		<dc:language>nl</dc:language>
		<dc:creator></dc:creator>
		<dc:rights>Copyright 2008</dc:rights>
		<dc:date>2008-03-27T23:12:39+01:00</dc:date>
		<admin:generatorAgent rdf:resource="http://www.pivotlog.net/?ver=Pivot+-+1.22%3A+%27Arcee%27" />
		<admin:errorReportsTo rdf:resource="mailto:rsserrors@pivotlog.net"/>
		<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
		<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
		<sy:updateBase>2000-01-01T12:00+00:00</sy:updateBase>
		
		
		
		
		<item>
			<title>Meet je leessnelheid bij kaarslicht!</title>
			<link>http://weblogs.nieuwegarde.nl/pivot/entry.php?id=1728</link>
			<comments>http://weblogs.nieuwegarde.nl/pivot/entry.php?id=1728#comm</comments>
			<description>

Naast mijn bed staat een kaars. Voor drie uur s-nachts
slapen werkt niet goed voor mij, maar is in deze maatschappij wel met enige
regelmaat vereist, zodat ik allemaal ingenieuze trucks heb bedacht om dit
probleem het hoofd te bieden. Een daarvan is het lezen van een boek bij flikkerend
kaarslicht. Op de een of andere manier word ik daar heel lekker slaperig van.
Heel iets anders dan lezen bij lamplicht. Enfin, ik lees dus bij kaarslicht. Zo
ook laatst – ik zat op mijn bed een boek te lezen en bij een overwegingswaardig
fragment, keek ik even peinzend op, mijn blik rustend op de vlam van de kaars. Na
mijn overweging keerde ik weer terug naar mijn boek en merkte dat de vlam een soort
van afdruk in mijn netvlies had gemaakt. Een heel mooi klein vlammerig vlekje,
als een klein oogje van Sauron, versprong met elke beweging van mijn blik over
het papier.

&amp;nbsp;

Hoewel over de schoonheid van het vlekje genoeg valt te
zeggen, is dit niet de eigenschap waarover ik het hier wil hebben. Het gaat mij
hier om die andere eigenschap. Het mee verspringen met je blikveld. Zoals
jullie waarschijnlijk weten is de wetenschap van speed reading gebaseerd op hoe
groot de zinsdelen zijn die je in één blik, één oogopslag kunt lezen. Sommige
mensen lezen woord voor woord, anderen verspringen met hun ogen zo’n drie keer
per regel, weer anderen lezen een hele regel in een keer, en de allerbesten
lezen meerdere regels in een oogopslag. Oefening leidt tot een beter resultaat.
Duizend woorden per blik schijnt het hoogst haalbare te zijn (Critici beweren
dat je dan het stuk tekst weliswaar hebt gelezen, maar dat je er waarschijnlijk
geen fuck van hebt begrepen. Maar ik dwaal af).

&amp;nbsp;

Met het oogje van Sauron dat nu in mijn blikveld stond
gebrand, bedacht ik mij opgetogen dat ik hiermee een uitgelezen instrument in
handen had om te meten hoe snel ik lees. Meten is weten en blij nieuwsgierig
ging ik het onderzoek in. Ik nam mij voor om een kleine correctie ten faveure
van mijn leessnelheid in te calculeren. Tenslotte benam Saurons oogje me ook
een beetje het zicht – zeker twee letters per blikveld – waardoor ik
ongetwijfeld iets langzamer zou lezen. Ik ging van start: ik las en ik telde. Hoewel
het instrument feilloos bleek te werken, viel de uitslag me een beetje tegen.
Ik had niet verwacht een erg snelle lezer te zijn - ik heb vrienden die een
artikel uitlezen in de tijd die ik nodig heb om een subtitel te doorgronden –
maar dit was wel erg minimaal: twee tot drie keer versprong het oogje van
Sauron (en dus mijn blik) per regel. Eén miezerig stapje verder dan het laagste
van het laagste: de enkelwoordlezers! Mijn leesmoeder zou zich omdraaien in
haar graf! Tenzij ze nog leeft natuurlijk. Maar goed, ik dwaal weer af.

&amp;nbsp;

Uiteraard laat ik mij niet uit het veld slaan. Ik besloot
ter plekke en op dat moment dat ik mijn leessnelheid zou opvoeren. Nog voor het
eind van de winter naar één Saurons oogje per regel! Vervelende bijkomstigheid
is dat sindsdien het kaarslicht een prestatiedrift, een wedstrijdspirit in me
oproept, waarmee haar waarde als slaapverwekker een beetje verloren is gegaan.</description>
			<guid isPermaLink="false">1728@http://weblogs.nieuwegarde.nl/mariken/</guid>
			<content:encoded><![CDATA[ <p style="text-align:center;"><img src="http://weblogs.nieuwegarde.nl/images/t84106553_copy2.jpg" border="10" title="" alt="" class="pivot-image" /></p>

<p>Naast mijn bed staat een kaars. Voor drie uur s-nachts
slapen werkt niet goed voor mij, maar is in deze maatschappij wel met enige
regelmaat vereist, zodat ik allemaal ingenieuze trucks heb bedacht om dit
probleem het hoofd te bieden. Een daarvan is het lezen van een boek bij flikkerend
kaarslicht. Op de een of andere manier word ik daar heel lekker slaperig van.
Heel iets anders dan lezen bij lamplicht. Enfin, ik lees dus bij kaarslicht. Zo
ook laatst – ik zat op mijn bed een boek te lezen en bij een overwegingswaardig
fragment, keek ik even peinzend op, mijn blik rustend op de vlam van de kaars. Na
mijn overweging keerde ik weer terug naar mijn boek en merkte dat de vlam een soort
van afdruk in mijn netvlies had gemaakt. Een heel mooi klein vlammerig vlekje,
als een klein oogje van Sauron, versprong met elke beweging van mijn blik over
het papier.</p>

<p> </p>

<p>Hoewel over de schoonheid van het vlekje genoeg valt te
zeggen, is dit niet de eigenschap waarover ik het hier wil hebben. Het gaat mij
hier om die andere eigenschap. Het mee verspringen met je blikveld. Zoals
jullie waarschijnlijk weten is de wetenschap van speed reading gebaseerd op hoe
groot de zinsdelen zijn die je in één blik, één oogopslag kunt lezen. Sommige
mensen lezen woord voor woord, anderen verspringen met hun ogen zo’n drie keer
per regel, weer anderen lezen een hele regel in een keer, en de allerbesten
lezen meerdere regels in een oogopslag. Oefening leidt tot een beter resultaat.
Duizend woorden per blik schijnt het hoogst haalbare te zijn (Critici beweren
dat je dan het stuk tekst weliswaar hebt gelezen, maar dat je er waarschijnlijk
geen fuck van hebt begrepen. Maar ik dwaal af).</p>

<p> </p>

<p>Met het oogje van Sauron dat nu in mijn blikveld stond
gebrand, bedacht ik mij opgetogen dat ik hiermee een uitgelezen instrument in
handen had om te meten hoe snel ik lees. Meten is weten en blij nieuwsgierig
ging ik het onderzoek in. Ik nam mij voor om een kleine correctie ten faveure
van mijn leessnelheid in te calculeren. Tenslotte benam Saurons oogje me ook
een beetje het zicht – zeker twee letters per blikveld – waardoor ik
ongetwijfeld iets langzamer zou lezen. Ik ging van start: ik las en ik telde. Hoewel
het instrument feilloos bleek te werken, viel de uitslag me een beetje tegen.
Ik had niet verwacht een erg snelle lezer te zijn - ik heb vrienden die een
artikel uitlezen in de tijd die ik nodig heb om een subtitel te doorgronden –
maar dit was wel erg minimaal: twee tot drie keer versprong het oogje van
Sauron (en dus mijn blik) per regel. Eén miezerig stapje verder dan het laagste
van het laagste: de enkelwoordlezers! Mijn leesmoeder zou zich omdraaien in
haar graf! Tenzij ze nog leeft natuurlijk. Maar goed, ik dwaal weer af.</p>

<p> </p>

<p>Uiteraard laat ik mij niet uit het veld slaan. Ik besloot
ter plekke en op dat moment dat ik mijn leessnelheid zou opvoeren. Nog voor het
eind van de winter naar één Saurons oogje per regel! Vervelende bijkomstigheid
is dat sindsdien het kaarslicht een prestatiedrift, een wedstrijdspirit in me
oproept, waarmee haar waarde als slaapverwekker een beetje verloren is gegaan. ]]></content:encoded>
			<dc:subject>marikendefault</dc:subject>
			<dc:date>2008-01-29T21:32:00+01:00</dc:date>
		</item>
		
		
		
		<item>
			<title>De kapperkwelling</title>
			<link>http://weblogs.nieuwegarde.nl/pivot/entry.php?id=1583</link>
			<comments>http://weblogs.nieuwegarde.nl/pivot/entry.php?id=1583#comm</comments>
			<description>Vandaag naar de kapper geweest.
Als de punten van mijn haar te droog worden, moet het. Of ik nu wil of niet. Ik
wil nooit. Ik vind het vreselijk. Het ruikt er naar natte haren, je bent
verplicht een gesprek aan te gaan met degene die je haar doet. Aan het eind
weet ik alles van de huisinrichting, de danslessen van het kleine zusje, de
opleiding en de dromen van een vreemde: mijn kapper. 

Verder worden er allemaal rare
dingen met mijn hoofd gedaan, met als immer terugkerend hoogtepunt - ergens op
driekwart van de knipbeurt – het moment waarop je haar over je voorhoofd naar
voren wordt gekamd (waarom??), zodat je, wanneer je door de kiertjes van je
haren heenkijkt, in plaats van jezelf, cousin Itt in de spiegel ziet. Als de
kapper klaar is met knippen, en ik constateer dat het wéér te kort geknipt is
(maar dat niet kan zeggen, omdat ik de kapper niet wil kwetsen), gaat de kapper
mijn haar föhnen. Het overgebleven haar wordt met gespreide vingers woest alle
kanten op gewaaierd, en terwijl ik mezelf langzaam (en toch ook weer
afschrikwekkend snel) zie veranderen in een kruising tussen Tina Turner en
Barbabob, vraagt de kapper mij met een trotse, zelfgenoegzame blik, of ik wel
wist dat mijn haar zo veel volume kon hebben. Ik zucht, en antwoord – omdat ik
de kapper niet wil kwetsen – dat ik stupefait ben, en prijs zijn vakmanschap.
Hij knikt tevreden en trekt nog een extra plukje haar omhoog. 

Hij pakt de handspiegel erbij, en
vraagt me de woestenij aan de achterkant van mijn hoofd te bekijken. Wat
mankeert kappers, écht? Ze kunnen toch zelf ook wel zien dat dit
verschrikkelijk is? Wordt wakker!! De 80-er jaren zijn zoooooo over! Waarom
proberen jullie me dan steeds toch op Krystle Carrington te laten lijken? Eh
doch, laffe haas (maar uitstekend toneelspeler) die ik ben, roep ik met een
kirretje uit dat ik het prachtig vind. Onderwijl mijn tranen wegdrukkend,
terwijl ik naar mijn lange manen op de grond kijk, die nu elk moment weggeveegd
zullen worden. Aan het eind van deze kwelling, reken ik af en fiets snel naar
huis. Hopend dat het mee zal vallen, als ik al dat “volume” eruit heb gekamd.
Helaas moet ik na het wassen en kammen constateren dat het niet meevalt. Ik zie
eruit als een huisvrouw… Mijn enige hoop is nu nog dat het over een paar dagen
weer een beetje zit. Ik haat naar de kapper gaan. Echt.</description>
			<guid isPermaLink="false">1583@http://weblogs.nieuwegarde.nl/mariken/</guid>
			<content:encoded><![CDATA[ <p>Vandaag naar de kapper geweest.
Als de punten van mijn haar te droog worden, moet het. Of ik nu wil of niet. Ik
wil nooit. Ik vind het vreselijk. Het ruikt er naar natte haren, je bent
verplicht een gesprek aan te gaan met degene die je haar doet. Aan het eind
weet ik alles van de huisinrichting, de danslessen van het kleine zusje, de
opleiding en de dromen van een vreemde: mijn kapper. </p>

<p>Verder worden er allemaal rare
dingen met mijn hoofd gedaan, met als immer terugkerend hoogtepunt - ergens op
driekwart van de knipbeurt – het moment waarop je haar over je voorhoofd naar
voren wordt gekamd (waarom??), zodat je, wanneer je door de kiertjes van je
haren heenkijkt, in plaats van jezelf, cousin Itt in de spiegel ziet. Als de
kapper klaar is met knippen, en ik constateer dat het wéér te kort geknipt is
(maar dat niet kan zeggen, omdat ik de kapper niet wil kwetsen), gaat de kapper
mijn haar föhnen. Het overgebleven haar wordt met gespreide vingers woest alle
kanten op gewaaierd, en terwijl ik mezelf langzaam (en toch ook weer
afschrikwekkend snel) zie veranderen in een kruising tussen Tina Turner en
Barbabob, vraagt de kapper mij met een trotse, zelfgenoegzame blik, of ik wel
wist dat mijn haar zo veel volume kon hebben. Ik zucht, en antwoord – omdat ik
de kapper niet wil kwetsen – dat ik stupefait ben, en prijs zijn vakmanschap.
Hij knikt tevreden en trekt nog een extra plukje haar omhoog. </p>

<p>Hij pakt de handspiegel erbij, en
vraagt me de woestenij aan de achterkant van mijn hoofd te bekijken. Wat
mankeert kappers, écht? Ze kunnen toch zelf ook wel zien dat dit
verschrikkelijk is? Wordt wakker!! De 80-er jaren zijn zoooooo over! Waarom
proberen jullie me dan steeds toch op Krystle Carrington te laten lijken? Eh
doch, laffe haas (maar uitstekend toneelspeler) die ik ben, roep ik met een
kirretje uit dat ik het prachtig vind. Onderwijl mijn tranen wegdrukkend,
terwijl ik naar mijn lange manen op de grond kijk, die nu elk moment weggeveegd
zullen worden. Aan het eind van deze kwelling, reken ik af en fiets snel naar
huis. Hopend dat het mee zal vallen, als ik al dat “volume” eruit heb gekamd.
Helaas moet ik na het wassen en kammen constateren dat het niet meevalt. Ik zie
eruit als een huisvrouw… Mijn enige hoop is nu nog dat het over een paar dagen
weer een beetje zit. Ik haat naar de kapper gaan. Echt.</p> ]]></content:encoded>
			<dc:subject>marikendefault</dc:subject>
			<dc:date>2007-03-26T23:10:00+01:00</dc:date>
		</item>
		
		
		
		<item>
			<title>Heil Bliksem!</title>
			<link>http://weblogs.nieuwegarde.nl/pivot/entry.php?id=1513</link>
			<comments>http://weblogs.nieuwegarde.nl/pivot/entry.php?id=1513#comm</comments>
			<description>Jahaa, dit is ‘m dan: mijn Bliksem. Hij werd een tijdje
geleden ineens erg mager, maar omdat het een al een oude jongen is, maakte ik
mij er niet zo druk om. Dat oude katten vermageren schijnt normaal te zijn. Dus
toen ik ‘m een ongeveer een week geleden optilde en hij het uitkrijste van de
pijn, had ik een enorm schuldgevoel. Ik had de eerste tekenen van een ernstige
ziekte verwaarloosd! Huilend van berouw en angst ging ik met hem naar de
dierenarts…



Alwaar werd vastgesteld dat hij onder zijn dikke vacht een
aantal flinke wonden had, waarschijnlijk van een confrontatie met een hond. Niks
geen enge ziektes! Hoera! Hij kreeg een kapje om zijn hoofd en een draintje
onder zijn oksel. Dat draintje mocht er na drie dagen uit. Dat mocht ik zelf
doen, als ik het durfde….



Nu durfde ik dat helemaal niet, maar ik had het
tegelijkertijd veel te druk om nog een keer naar de dierenarts te gaan, dus
besloot ik dat ik het tóch durfde. Op de grote dag kwam een goede vriendin van
mij langs om me te helpen bij de operatie. We hebben even gekibbeld over wie de
dokter en wie de assistente zou zijn (we wilden allebei liever instrumenten
aangeven dan operaties uitvoeren), maar omdat ik de eigenaar ben, leek het
logischer dat ik de zware klus zou opknappen. Ik werd dus dokter.



Om de ergste zenuwen te drukken, besloten we eerst een
glaasje wijn te drinken. Met een sigaretje erbij om het concentratieniveau
omhoog te brengen. Hierna haalden wij diep adem, en gingen van start. Ik maakte
mijn schaar schoon met alcohol, zuster Andringa tilde de kat voorzichtig op, en
ik, dokter Lorié, keek voor het eerst van mijn leven naar een wond waaruit ik
iets moest gaan verwijderen. 



Ik had eerder die week al geprobeerd te kijken hoe de wond
en de drain eruitzag, maar was – wegens gebrek aan assistentie, en medewerking
van Bliksem - niet ver gekomen. Nu zuster Andringa de kat omhoog hield, kon ik
voor het eerst duidelijk zien wat er eigenlijk gaande was. Een klein buisje
zat als een armbandje door de wond, en was aan de buitenkant dichtgestrikt. Ik
knipte het strikje door met mijn schaar en trok voorzichtig het buisje uit de
wond. Kat gaf geen kick, de hele operatie duurde misschien twee minuten, en
dokter Lorié en zuster Andringa keken elkaar na de operatie verbaasd aan. Was
dit het nou?!

Een gevoel van extase maakte zich van ons meester. Wij dronken nog een glas wijn op deze uiterst succesvolle onderneming, onderwijl filosoferend over onze toekomst als arts, net als Leonardo di Caprio in 'Catch me if you can'. We wisten nu hoe makkelijk het zou zijn!!</description>
			<guid isPermaLink="false">1513@http://weblogs.nieuwegarde.nl/mariken/</guid>
			<content:encoded><![CDATA[ <p style="text-align:center;"><img src="http://weblogs.nieuwegarde.nl/images/blik_op_plate_klein_copy2.jpg" border="0" title="" alt="" class="pivot-image" /></p><p><b>Jahaa, dit is ‘m dan: mijn Bliksem. Hij werd een tijdje
geleden ineens erg mager, maar omdat het een al een oude jongen is, maakte ik
mij er niet zo druk om. Dat oude katten vermageren schijnt normaal te zijn. Dus
toen ik ‘m een ongeveer een week geleden optilde en hij het uitkrijste van de
pijn, had ik een enorm schuldgevoel. Ik had de eerste tekenen van een ernstige
ziekte verwaarloosd! Huilend van berouw en angst ging ik met hem naar de
dierenarts…</b></p>



<p>Alwaar werd vastgesteld dat hij onder zijn dikke vacht een
aantal flinke wonden had, waarschijnlijk van een confrontatie met een hond. Niks
geen enge ziektes! Hoera! Hij kreeg een kapje om zijn hoofd en een draintje
onder zijn oksel. Dat draintje mocht er na drie dagen uit. Dat mocht ik zelf
doen, als ik het durfde….</p>



<p>Nu durfde ik dat helemaal niet, maar ik had het
tegelijkertijd veel te druk om nog een keer naar de dierenarts te gaan, dus
besloot ik dat ik het tóch durfde. Op de grote dag kwam een goede vriendin van
mij langs om me te helpen bij de operatie. We hebben even gekibbeld over wie de
dokter en wie de assistente zou zijn (we wilden allebei liever instrumenten
aangeven dan operaties uitvoeren), maar omdat ik de eigenaar ben, leek het
logischer dat ik de zware klus zou opknappen. Ik werd dus dokter.</p>



<p>Om de ergste zenuwen te drukken, besloten we eerst een
glaasje wijn te drinken. Met een sigaretje erbij om het concentratieniveau
omhoog te brengen. Hierna haalden wij diep adem, en gingen van start. Ik maakte
mijn schaar schoon met alcohol, zuster Andringa tilde de kat voorzichtig op, en
ik, dokter Lorié, keek voor het eerst van mijn leven naar een wond waaruit ik
iets moest gaan verwijderen. </p>



<p>Ik had eerder die week al geprobeerd te kijken hoe de wond
en de drain eruitzag, maar was – wegens gebrek aan assistentie, en medewerking
van Bliksem - niet ver gekomen. Nu zuster Andringa de kat omhoog hield, kon ik
voor het eerst duidelijk zien wat er eigenlijk gaande was. Een klein buisje
zat als een armbandje door de wond, en was aan de buitenkant dichtgestrikt. Ik
knipte het strikje door met mijn schaar en trok voorzichtig het buisje uit de
wond. Kat gaf geen kick, de hele operatie duurde misschien twee minuten, en
dokter Lorié en zuster Andringa keken elkaar na de operatie verbaasd aan. Was
dit het nou?!</p>

<p>Een gevoel van extase maakte zich van ons meester. Wij dronken nog een glas wijn op deze uiterst succesvolle onderneming, onderwijl filosoferend over onze toekomst als arts, net als Leonardo di Caprio in 'Catch me if you can'. We wisten nu hoe makkelijk het zou zijn!!<b></b></p> ]]></content:encoded>
			<dc:subject>marikendefault</dc:subject>
			<dc:date>2007-01-19T19:51:00+01:00</dc:date>
		</item>
		
		
		
		<item>
			<title>Stoppen met roken met de kracht van bijgeloof.</title>
			<link>http://weblogs.nieuwegarde.nl/pivot/entry.php?id=1502</link>
			<comments>http://weblogs.nieuwegarde.nl/pivot/entry.php?id=1502#comm</comments>
			<description>Stoppen met roken en de kracht van bijgeloof
	
	
	
	
	
	
	
	
	

Ik ben gestopt met roken. Al een aantal
dagen voor de jaarwisseling. Meestal als ik stop met roken, doe ik
dat op een moment dat ik van nature minder behoefte heb aan roken.
Tijdens hele rustige periodes van afzondering is mij dat gegund. In
die periodes kan ik – afhankelijk van hoe lang ze duren - makkelijk
een week of twee geen sigaret opsteken. Om
dan overigens bij de eerste trek in een sigaret ook ogenblikkelijk
toe te geven. Een effectieve vorm van stoppen is dus het niet. 



Dit keer echter heb ik het totaal
anders aangepakt. Met gepaste trots kan ik zeggen dat ik dit keer
gestopt ben, ondanks en terwijl ik constant, niet aflatend, bijtijds
gekmakend verlang naar een sigaret. Mijn verlangen beslaat op dit
moment met gemak een pakje per dag, soms wel twee. Ik heb de
afgelopen dagen – zijnde feestdagen – voornamelijk doorgebracht
met rokende vrienden, soms wel tien tegelijk, en heb met hen ook de
nodige alcohol genuttigd. Maar ik heb niet gerookt! Haha.


Ik heb een nieuwe methode bedacht. En
volgens mij is die minstens zo effectief als de Allan Carr-methode.
De werktitel is – nu de testen nog draaien heb ik nog niet de
moeite genomen een definitieve naam te bedenken – BMJB-methode
(blij met je bijgeloof) en is gebaseerd op het gegeven dat bijna
ieder mens een beetje bijgelovig is. Nu hoor ik een aantal van jullie
al denken dat dit niet zo is, maar dat is wel zo. Die ene volstrekt
ongelovige Thomas en de moederhater daargelaten, zullen de meesten
van ons bijvoorbeeld niet graag zweren op de dood van hun moeder.
Terwijl je als aanhanger van de objectieve wetenschap of fervent
atheïst daar helemaal geen moeite mee zou moeten hebben.
Bijgeloof dus. En daarvan maak ik in mijn nieuwe en revolutionaire
methode gebruik. 



Het proces verloopt als volgt. Je
bedenkt iets wat je 1) heel erg ontzettend graag wilt en waarvan je
2) de uitkomst niet of niet volledig kunt bepalen. De volgende stap
is jezelf voor te nemen niet meer te roken (of iets anders waar je
vanaf wilt). En daarna spreek je af met het Al, dat als je toch een
sigaret opsteekt, je straf zal zijn dat je noooooooit zult krijgen
wat je zo graag wilde hebben. Uiteraard impliceert deze gedachte –
in al zijn bijgelovige briljantie – dat je wél krijgt wat je
hebben wilt als je níet rookt. En aldus oefen je als nietig
mens toch zo maar ineens een doorslaggevende invloed uit op de loop
der dingen. Hoe gaaf is dat? 



Hoewel ik mij ervan bewust ben dat het
bovenstaande klinkklare onzin is, en dat de wereld en het lot zich
echt geen fuck aantrekken van het feit of ik al dan niet een sigaret
opsteek, durf ik na mijn eed toch geen sigaretje meer op te steken.
Dat is nou de kracht van bijgeloof! En van mijn revolutionaire
BMJB-methode!</description>
			<guid isPermaLink="false">1502@http://weblogs.nieuwegarde.nl/mariken/</guid>
			<content:encoded><![CDATA[ <meta http-equiv="CONTENT-TYPE" content="text/html; charset="utf"-8"><title>Stoppen met roken en de kracht van bijgeloof</title><meta name="GENERATOR" content="OpenOffice.org 2.0  (Unix)"><meta name="AUTHOR" content="Mariken Lorie"><meta name="CREATED" content="20070104;17300000"><meta name="CHANGEDBY" content="Mariken Lorie"><meta name="CHANGED" content="20070104;17520000">
	
	
	
	
	
	
	<style type="text/css">
	<!--
		@page { size: 8.5in 11in; margin: 0.79in }
		P { margin-bottom: 0.08in }
	-->
	</style>

<p style="margin-bottom: 0in;">Ik ben gestopt met roken. Al een aantal
dagen voor de jaarwisseling. Meestal als ik stop met roken, doe ik
dat op een moment dat ik van nature minder behoefte heb aan roken.
Tijdens hele rustige periodes van afzondering is mij dat gegund. In
die periodes kan ik – afhankelijk van hoe lang ze duren - makkelijk
een week of twee geen sigaret opsteken<font color="#ff0000">. </font>Om
dan overigens bij de eerste trek in een sigaret ook ogenblikkelijk
toe te geven. Een effectieve vorm van stoppen is dus het niet. 
</p>
<p style="margin-bottom: 0in;"><br  />
</p>
<p style="margin-bottom: 0in;">Dit keer echter heb ik het totaal
anders aangepakt. Met gepaste trots kan ik zeggen dat ik dit keer
gestopt ben, ondanks en terwijl ik constant, niet aflatend, bijtijds
gekmakend verlang naar een sigaret. Mijn verlangen beslaat op dit
moment met gemak een pakje per dag, soms wel twee. Ik heb de
afgelopen dagen – zijnde feestdagen – voornamelijk doorgebracht
met rokende vrienden, soms wel tien tegelijk, en heb met hen ook de
nodige alcohol genuttigd. Maar ik heb niet gerookt! Haha.</p>
<p style="margin-bottom: 0in;"><br  />
</p>
<p style="margin-bottom: 0in;">Ik heb een nieuwe methode bedacht. En
volgens mij is die minstens zo effectief als de Allan Carr-methode.
De werktitel is – nu de testen nog draaien heb ik nog niet de
moeite genomen een definitieve naam te bedenken – BMJB-methode
(blij met je bijgeloof) en is gebaseerd op het gegeven dat bijna
ieder mens een beetje bijgelovig is. Nu hoor ik een aantal van jullie
al denken dat dit niet zo is, maar dat is wel zo. Die ene volstrekt
ongelovige Thomas en de moederhater daargelaten, zullen de meesten
van ons bijvoorbeeld niet graag zweren op de dood van hun moeder.
Terwijl je als aanhanger van de objectieve wetenschap of fervent
atheïst daar helemaal geen moeite mee zou moeten hebben.
Bijgeloof dus. En daarvan maak ik in mijn nieuwe en revolutionaire
methode gebruik. 
</p>
<p style="margin-bottom: 0in;"><br  />
</p>
<p style="margin-bottom: 0in;">Het proces verloopt als volgt. Je
bedenkt iets wat je 1) heel erg ontzettend graag wilt en waarvan je
2) de uitkomst niet of niet volledig kunt bepalen. De volgende stap
is jezelf voor te nemen niet meer te roken (of iets anders waar je
vanaf wilt). En daarna spreek je af met het Al, dat als je toch een
sigaret opsteekt, je straf zal zijn dat je noooooooit zult krijgen
wat je zo graag wilde hebben. Uiteraard impliceert deze gedachte –
in al zijn bijgelovige briljantie – dat je wél krijgt wat je
hebben wilt als je níet rookt. En aldus oefen je als nietig
mens toch zo maar ineens een doorslaggevende invloed uit op de loop
der dingen. Hoe gaaf is dat? 
</p>
<p style="margin-bottom: 0in;"><br  />
</p>
<p style="margin-bottom: 0in;">Hoewel ik mij ervan bewust ben dat het
bovenstaande klinkklare onzin is, en dat de wereld en het lot zich
echt geen fuck aantrekken van het feit of ik al dan niet een sigaret
opsteek, durf ik na mijn eed toch geen sigaretje meer op te steken.
Dat is nou de kracht van bijgeloof! En van mijn revolutionaire
BMJB-methode!</p> ]]></content:encoded>
			<dc:subject>marikendefault</dc:subject>
			<dc:date>2007-01-06T13:47:00+01:00</dc:date>
		</item>
		
		
		
	</channel>
</rss>